Beste Toutenburghers en medehuurders van Woonzorg Nederland,
Ook dit jaar worden huurders geconfronteerd met vertraging bij de eindafrekening van de servicekosten. Net als vorig jaar wordt daarbij verwezen naar technische problemen. Voor veel huurders roept dat begrijpelijkerwijs vragen op: wanneer ontvangen we onze afrekening, wanneer krijgen we eventueel geld terug en vooral: welke regels gelden daarbij eigenlijk?
In 2025 hebben wij op deze blog al aandacht besteed aan de te late eindafrekening. Inmiddels blijkt dat de problematiek zich opnieuw voordoet. Dat is aanleiding om niet alleen naar de vertraging zelf te kijken, maar ook naar een andere vraag die voor iedere huurder van belang kan zijn: klopt het dat Woonzorg Nederland bij een terugbetaling maximaal 30 dagen als betalingstermijn hanteert en daarover 6% rente berekent?
In onderstaand artikel proberen we deze kwestie op een begrijpelijke en zorgvuldige manier uit te leggen. Niet om juridische conclusies vooruit te lopen, maar om duidelijk te krijgen wat de wet bepaalt, wat Woonzorg Nederland zelf stelt en waar de verschillen of onduidelijkheden zitten.
Want uiteindelijk gaat het om iets heel eenvoudigs:
Als huurders iedere maand hun voorschotten betalen, mogen zij ook verwachten dat Woonzorg Nederland jaarlijks tijdig en transparant verantwoording aflegt over wat er met dat geld is gebeurd.
Daarom vinden wij dat deze vragen niet alleen voor Toutenburgh van belang zijn, maar voor alle huurders van Woonzorg Nederland.
Nota bene: lees hier de update :
In juni 2025 schreven wij op deze blog over de vertraagde eindafrekening van de servicekosten over 2024 (en tot op heden jammergenoeg geen enkele reactie meer ontvangen op onze vervolgvragen) . Woonzorg Nederland liet toen weten dat niet alle huurders hun jaarafrekening vóór 1 juli zouden ontvangen. Als reden werden technische problemen met nieuwe systemen genoemd. Daarmee was de wettelijke termijn van zes maanden na afloop van het kalenderjaar niet gehaald.
In december 2025 reageerde Woonzorg Nederland op de vragen die hierover waren gesteld. Daarbij werd onder meer aangegeven dat een huurder pas aanspraak kan maken op wettelijke rente wanneer duidelijk is dat hij of zij daadwerkelijk geld terugkrijgt en welk bedrag dat is.
Dat was een belangrijk juridisch onderscheid. Maar inmiddels zijn we een jaar verder. En opnieuw blijkt er sprake te zijn van problemen met de eindafrekening. Woonzorg Nederland meldt inmiddels zelf dat er opnieuw problemen zijn in het proces van de eindafrekening service- en verbruikskosten over 2025. Volgens Woonzorg Nederland kan op dit moment nog niet worden aangegeven wanneer alle huurders deze afrekening ontvangen.
Daarmee dringt zich een eenvoudige vraag op:
Hoe vaak kan een huurder geconfronteerd worden met technische problemen voordat we ons moeten afvragen of er meer aan de hand is dan een incidentele vertraging?
De wettelijke termijn is niet veranderd
De wettelijke regel is eigenlijk heel eenvoudig. Artikel 7:259 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat de verhuurder ieder jaar uiterlijk zes maanden na het verstrijken van een kalenderjaar een gespecificeerd overzicht van de servicekosten aan de huurder moet verstrekken. Voor de servicekosten over 2025 betekent dat:
uiterlijk 30 juni 2026.
Ook Woonzorg Nederland zelf schrijft op zijn website dat huurders ieder jaar vóór 1 juli een afrekening van de servicekosten krijgen. De Huurcommissie bevestigt hetzelfde. Zij schrijft dat de jaarafrekening over 2025 uiterlijk op 30 juni 2026 aan de huurder moet zijn verstrekt. Er bestaat dus weinig onduidelijkheid over de wettelijke uiterste datum.
Technische problemen zijn vervelend, maar veranderen de wettelijke termijn niet
Wij begrijpen heel goed dat automatisering, digitalisering en nieuwe administratieve systemen problemen kunnen opleveren. Ook bij een grote organisatie kunnen systemen verkeerd werken. Maar voor de huurder verandert daarmee de wettelijke termijn niet. De huurder heeft immers gedurende het hele jaar iedere maand netjes het voorgeschreven voorschot betaald. Dat voorschot is geen definitief bedrag. Het is een voorschot op de werkelijke kosten.
Woonzorg Nederland legt dat zelf ook zo uit: huurders betalen maandelijks vooruit en na afloop van het jaar wordt bekeken wat de werkelijke kosten waren. Soms moet de huurder bijbetalen en soms krijgt de huurder geld terug.
Juist daarom is de jaarlijkse afrekening zo belangrijk. De huurder wil weten:
Heb ik te veel betaald of te weinig?
Wat gebeurde er vorig jaar?
In 2025 was de vertraging volgens Woonzorg Nederland eveneens het gevolg van technische problemen. Daarover hebben wij destijds vragen gesteld. De reactie van Woonzorg Nederland was juridisch interessant. De verhuurder stelde dat een ingebrekestelling met als doel wettelijke rente te claimen geen effect heeft zolang de afrekening nog niet is verzonden. Daar valt juridisch iets voor te zeggen. Want zolang de afrekening niet is gemaakt, staat immers nog niet vast:
- of de huurder geld terugkrijgt;
- hoeveel geld de huurder terugkrijgt;
- of de huurder misschien juist moet bijbetalen.
Daarom moeten twee zaken zorgvuldig van elkaar worden onderscheiden.

Screenshot Nieuwsbrief Woonzorg Nederland September 2026
Het te laat verstrekken van de afrekening en het te laat terugbetalen van een vastgesteld bedrag. Die zijn juridisch niet automatisch hetzelfde.
Maar daar begint nu een nieuwe vraag
Stel dat Woonzorg Nederland uiteindelijk een afrekening verstuurt waaruit blijkt:
“U krijgt € 500 terug.”
Dan is vanaf dat moment wél duidelijk dat Woonzorg Nederland € 500 aan de huurder moet terugbetalen. En dan komen we bij een mededeling van Woonzorg Nederland die op zijn minst om uitleg vraagt. Woonzorg Nederland vermeldt namelijk dat bij een terugbetaling 6% rente wordt berekend over maximaal 30 dagen, omdat 30 dagen volgens Woonzorg Nederland de maximale betalingstermijn is. Daarmee ontstaat een nieuwe juridische vraag:
Waar komt die 30 dagen vandaan?
De wet zegt niet: “30 dagen”
Artikel 7:259 BW bepaalt de termijn voor het verstrekken van de jaarlijkse servicekostenafrekening. De wet bepaalt daar niet dat de verhuurder vervolgens nog 30 dagen de tijd heeft om een positief saldo aan de huurder uit te betalen.
Ook op de eigen website van Woonzorg Nederland staat dat de afrekening vóór 1 juli wordt verstrekt en dat de huurder vervolgens geld terugkrijgt wanneer de werkelijke kosten lager zijn dan het betaalde voorschot. Maar waar staat de afzonderlijke termijn van 30 dagen?
Is die opgenomen in:
- de huurovereenkomst?
- de algemene huurvoorwaarden?
- de servicekostenvoorwaarden?
- of is het een interne administratieve termijn van Woonzorg Nederland?
Dat laatste is natuurlijk iets anders dan een wettelijke betalingstermijn.
6% rente is ook niet hetzelfde als wettelijke rente
Ook de genoemde 6% verdient uitleg. Wettelijke rente wegens vertraging in de betaling van een geldsom is geregeld in artikel 6:119 BW. Die rente ziet op de periode waarin de schuldenaar met betaling in verzuim is. De 6% die Woonzorg Nederland noemt, lijkt daarom niet zonder meer hetzelfde te zijn als de wettelijke rente.
Het lijkt eerder te gaan om een door Woonzorg Nederland gehanteerde rentevergoeding over de door haarzelf genoemde termijn van maximaal 30 dagen. Dat hoeft op zichzelf niet verkeerd te zijn. Maar dan willen huurders natuurlijk wel weten:
Op welke contractuele of wettelijke grondslag is die 30 dagen gebaseerd?
Een eenvoudig voorbeeld
Stel:
Een huurder heeft gedurende het jaar € 1.200 aan voorschotten betaald. Na de eindafrekening blijkt dat de werkelijke kosten € 1.000 bedragen. De huurder heeft dus:
€ 200 te veel betaald.
Woonzorg Nederland stelt vervolgens dat zij maximaal 30 dagen nodig heeft om die € 200 terug te betalen. Dan is de vraag niet zozeer:
“Is 30 dagen veel of weinig?”
De vraag is:
“Waarom heeft Woonzorg Nederland daar 30 dagen voor?”
Als die termijn contractueel is afgesproken, kan dat worden aangewezen. Als die termijn wettelijk is voorgeschreven, kan de betreffende wettelijke bepaling worden genoemd. Maar als geen van beide het geval is, lijkt het te gaan om een interne verwerkingstermijn. En een interne verwerkingstermijn is niet automatisch een wettelijke betalingstermijn.
En wat als de afrekening zelf maanden te laat komt?
Daar wordt het nog interessanter. Stel dat de eindafrekening over 2025 pas op 1 november 2026 wordt verstrekt. Dat is ongeveer vier maanden na de wettelijke uiterste datum van 30 juni. Daaruit blijkt vervolgens dat een huurder €500 terugkrijgt.
Kunnen we dan zonder meer zeggen dat Woonzorg Nederland vier maanden wettelijke rente over €500 verschuldigd is?
Nee.
Dat zou juridisch te eenvoudig zijn. De wettelijke rente wegens vertraging in de betaling hangt samen met opeisbaarheid en verzuim. Artikel 6:119 BW koppelt de rente aan de periode waarin de schuldenaar met de betaling in verzuim is.
Het enkele feit dat de jaarlijkse afrekening te laat is verstrekt, betekent dus niet automatisch dat over het uiteindelijk terug te betalen bedrag vanaf 1 juli wettelijke rente loopt. Maar er is wél sprake van een andere vaststelling:
Woonzorg Nederland heeft de wettelijke termijn voor het verstrekken van de afrekening overschreden.
Dat mogen we niet wegpoetsen met de woorden “technische problemen”.
Twee verschillende klokken
Misschien kunnen we het voor huurders het beste voorstellen als twee verschillende klokken.
Klok 1: de afrekening
Deze klok loopt tot uiterlijk 30 juni. Dan moet de jaarlijkse servicekostenafrekening er zijn.
Klok 2: de terugbetaling
Als uit die afrekening blijkt dat de huurder geld terugkrijgt, begint de vraag te spelen wanneer dat concrete bedrag moet worden betaald en vanaf wanneer eventueel sprake is van vertraging.
Die twee klokken moeten juridisch niet door elkaar worden gehaald. Maar evenmin mag de tweede klok door Woonzorg Nederland zonder meer worden vervangen door:
“Wij hebben 30 dagen nodig.”
Daarvoor moet een grondslag bestaan.
En nu gebeurt hetzelfde opnieuw
Het bijzondere aan de situatie van 2026 is daarom niet alleen dat er vertraging is. Het bijzondere is dat we een herhaling zien. In 2025 waren er technische problemen. In 2026 meldt Woonz rg Nederland opnieuw technische problemen met het proces van de eindafrekening over 2025.
Voor een huurder die iedere maand trouw zijn voorschot betaalt, is dat moeilijk uit te leggen. Een computerprobleem bij de verhuurder verandert immers niets aan de maandelijkse betalingsverplichting van de huurder. De huurder moet iedere maand betalen. Dan mag de huurder ook verwachten dat de verhuurder zijn eigen jaarlijkse administratie op orde heeft.
Daarom zijn enkele vragen inmiddels op hun plaats
Wij zouden Woonzorg Nederland graag antwoord zien geven op de volgende vragen.
1. Waarom is ook de eindafrekening over 2025 niet tijdig beschikbaar?
2. Welke technische problemen veroorzaken deze vertraging?
3. Wanneer verwacht Woonzorg Nederland de eindafrekening daadwerkelijk aan alle huurders te hebben verstrekt?
4. Hoeveel huurders worden hierdoor getroffen?
5. Waarom is de wettelijke termijn van artikel 7:259 BW opnieuw niet gehaald?
6. Waarop baseert Woonzorg Nederland de mededeling dat een terugbetaling maximaal 30 dagen mag duren?
7. Staat deze termijn in de toepasselijke huurovereenkomst of algemene huurvoorwaarden?
8. Op welke grondslag wordt vervolgens 6% rente berekend?
9. Indien de eindafrekening na de wettelijke termijn wordt verstrekt en daaruit blijkt dat Woonzorg Nederland een bedrag aan de huurder moet terugbetalen, vanaf welke datum berekent Woonzorg Nederland dan rente over het terug te betalen bedrag en op welke grondslag?
10. Welke structurele maatregelen worden genomen om te voorkomen dat deze situatie zich ook bij de volgende jaarlijkse afrekening opnieuw voordoet?
Het gaat uiteindelijk om vertrouwen
Voor veel senioren is een servicekostenafrekening geen administratieve formaliteit. Het gaat om hun eigen geld. Maand na maand wordt een voorschot betaald. Daarna verwacht de huurder één keer per jaar een duidelijke afrekening waarin staat wat de werkelijke kosten waren.
Dat is geen gunst van de verhuurder.
Het is onderdeel van de wettelijke regeling voor servicekosten.
Woonzorg Nederland zegt zelf dat de jaarlijkse afrekening vóór 1 juli wordt verstrekt. De wet schrijft voor dat de verhuurder uiterlijk zes maanden na het kalenderjaar een gespecificeerd overzicht verstrekt. Wanneer dat vervolgens opnieuw niet lukt vanwege technische problemen, is het begrijpelijk dat huurders vragen gaan stellen.
Niet alleen:
“Wanneer krijg ik mijn geld?”
maar ook:
“Waarom lukt het opnieuw niet?”
En vervolgens:
“Waarop is de door Woonzorg Nederland genoemde betalingstermijn van 30 dagen eigenlijk gebaseerd?”
Geen beschuldiging, maar een gerechtvaardigde vraag
Het is belangrijk om hier zorgvuldig te blijven. Wij stellen niet dat Woonzorg Nederland automatisch vier maanden wettelijke rente verschuldigd is wanneer een afrekening vier maanden te laat komt. Daarvoor zijn de regels over opeisbaarheid en verzuim bepalend. Wij stellen ook niet dat de door Woonzorg Nederland aangeboden 6% rente per definitie onjuist is.
Wat wij wél vaststellen, is dat de wettelijke zesmaandstermijn voor de jaarlijkse afrekening iets anders is dan een eventuele betalingstermijn van 30 dagen.
En juist die twee zaken worden gemakkelijk met elkaar verward. Daarom vinden wij dat Woonzorg Nederland duidelijk moet kunnen uitleggen:
Waar komt de 30-dagentermijn vandaan?
Want als het een wettelijke termijn is, moet de wettelijke grondslag kunnen worden genoemd. Als het een contractuele termijn is, moet kunnen worden aangegeven waar de huurder daarmee heeft ingestemd. En als het een interne administratieve termijn is, dan is de vraag gerechtvaardigd waarom deze als “onze maximale betalingstermijn” wordt gepresenteerd.
Wordt vervolgd?
Misschien ligt hier wel een eenvoudige oplossing. Woonzorg Nederland hoeft daarvoor eigenlijk maar één ding te doen:
de juridische grondslag van de 30-dagentermijn aan de huurders bekendmaken.
Tot die tijd blijft de vraag staan. Want één ding weten we inmiddels zeker:
de huurder betaalt zijn voorschot iedere maand op tijd.
Dan mag diezelfde huurder ook verwachten dat de verhuurder zijn jaarlijkse afrekening tijdig en zorgvuldig uitvoert.
Reacties zijn welkom – deel je ervaringen in de comments of via tomarisal@gmail.com
DisclaimerTenslotte wil ik benadrukken dat al mijn uitingen en publicaties op dit blog uitsluitend gericht zijn op feiten, handelingen en publieke uitspraken, en nimmer op personen als zodanig. Het is nooit mijn intentie om individuen persoonlijk te beschadigen, te schaden of buiten spel te zetten.Mocht ik onjuiste of onvolledige informatie hebben weergegeven, dan sta ik open voor aanvullingen en correcties. U kunt deze via de reactie-optie kenbaar maken.Reacties zijn welkom, maar worden vooraf gemodereerd. Alleen inhoudelijke reacties die direct betrekking hebben op dit blogartikel worden geplaatst. Persoonlijke aanvallen, scheldpartijen, laster, bedreigingen, off-topic opmerkingen of reacties die geen relatie hebben met de inhoud van het artikel worden niet toegelaten.Bedankt voor uw begrip en voor het constructief meedenken.